Om u de beste gebruikservaring te kunnen bieden, gebruiken wij cookies. Voor meer inhoudelijke informatie en het onderscheid die wij hier in maken, verwijzen wij u door naar ons Cookie beleid

Accepteer cookies

Hoe begon het

GESCHIEDENIS VAN HSV ’T MOKSE BROEK TE MOOK EN MIDDELAAR
Nadat de Mookerplas grotendeels gereed was hebben een aantal mannen uit Mook en Middelaar besloten een vis club op te richten te weten; Wim Thomassen, Jo Cocu, The van Bergen (oud wethouder), Hans Böming en Jan Braaksma. Op vrijdag 4 juli 1969 is ten bureau van een notaris de oprichtingsakte ondertekend zodat de Hengelsport Vereniging ’t Mokse Broek een feit was.
Ontstaan van de Mookerplas.
Op de oorspronkelijk plaats van het toegangskanaaltje vanaf de Maas en de Grote Siep liepen 2 beken te weten de Tielebeek en de Molenbeek beiden vinden hun oorsprong aan de overzijde van de Rijksweg in het bosgebied van het landgoed Sint Jansberg, Kloosterberg en De Geuldert. In de periode 1952 tot 1972 is het kanaaltje, het gebied rondom het eiland en de Grote Siep ontstaan. Voornoemde beken kregen een andere loop en zijn nog steeds in het gebied nadrukkelijk aanwezig. De Mookerplas is circa 100 ha groot met een totale lengte van 3500 meter (3,5 km) terwijl de breedte sterk varieert. De bodem bestaat in hoofdzaak uit zand en grind waarop in de loop der jaren een bagger laag is ontstaan ter dikte van 40 tot 60 cm. De voeding van de plas bestaat uit Maaswater en kwelwater, waarbij ongeveer 10.000 kubieke meter kwelwater per etmaal in de plas wordt gedrukt. De diepte van de plas varieert tussen de 4 en 8 meter. Met behulp van baggermachines en zandzuigers is het totale plan van de Mookerplas uit gevoerd, waarbij het uitkomende materiaal met behulp van schuiten naar elders is afgevoerd. Een van de schippers was de heer Joop Troost voormalig toezichthouder op de Mookerplas hij woont nog steeds aan de plas.
De Mookerplas was oorspronkelijk eigendom van de gemeente Mook en Middelaar, waarbij de visvergunningen door de pas opgerichte hengelsportvereniging ’t Mokse Broek werden uitgereikt. Een mooie constructie waarbij wethouder The van Bergen ongetwijfeld een zeer belangrijke rol heeft gespeeld. Nadat de gemeente Mook en Middelaar het eigendom had overgedragen aan het Recreatieschap Nijmegen en Omstreken (RNO) kreeg federatie Eendracht te Cuyk in 1978 de visrechten (en pacht betalen) van de plas. Na ongeveer 11 jaar (1969-1978) verloor onze Hengelsportvereniging haar alleenrechten op de plas en nam het aantal vissers vanuit de Federatie Eendracht in een snel tempo toe. De 5 stuks borden “Uitsluitend voor leden van ’t Mokse Broek” die in het water stonden, gemaakt door toenmalig bestuurslid Jo Cocu konden de schroothoop op. Op 15 april 1980 werd een breed gedragen beheers commissie, bestaande uit leden van de Federatie Eendracht en moest gaan dienen als voorbeeld voor meerdere in te stellen beheerscommissie’s.
Het Mokse Broek heeft nog enkele visuitzetting gedaan in de Mookerplas om het visbestand te laten toenemen. In 1976 is er 30 kg kleine pootkarper en 60 kg zomerkarper uitgezet, en in 1977 circa 2000 stuks voorjaarssnoek en 700 stuks snoekbaars van 80 gram, of deze vissen in de plas zijn gebleven is de vraag, immers er is een direct verbinding met de Maas. Van de Mookerplas zijn op initiatief van het Mokse Broek een tweetal visserijonderzoeken verricht, waarvan een goede rapportage is uitgebracht.
Ledenaantal
Onze vereniging was in den begin jaren een zeer snel groeiende vereniging met een ledenaantal dat zich in de loop der jaren tot in 1981 toenam tot 767 senioren en 139 jeugdleden. Zoals bij alle vereniging lopen het aantal leden in een ramp tempo terug zo ook bij onze vereniging, want 2016 werd afgesloten met een ledenaantal van 337.
Visvangsten
De vangsten in de Mookerplas waren sedert de oprichting tot medio de jaren 80, geweldig en het maakte niet uit welke aas je gebruikte men ving altijd vis. Op diverse plekken langs de oever stond riet met direct daarachter waterplanten hetgeen ideaal was voor jonge vis. In de loop der jaren is het riet en de waterplanten verdwenen, mede door het aanbrengen van een dikke laag stortsteen en asfalt om golfslag van de toegenomen aantal plezierboten op te vangen. De vangsten werden alras minder en het aantal vissers langs de kant nam in een rap tempo af, wat ongetwijfeld te maken heeft met voornoemde oeverbescherming. Heden ten dage zijn de vangsten tijdens de diverse viswedstrijden zeer variabel waarbij de ene visser enkele zeer zware brasem vangt en de andere geen beet krijgt. Of het visbestand wordt beïnvloed door de sterke toename van de diverse grondelsoorten die door de aanleg van een verbindingskanaal tussen Donau en de Rijn massaal naar Nederlandse wateren zijn gekomen is niet bekend, maar de grondel eet wel visbroedsel dus het zou zo maar kunnen?